Thor Central: hoe een oud mijngebouw Vlaanderens eerste toegankelijke congrescentrum werd

Het vroegere hoofdgebouw van de steenkoolmijn van Waterschei is tegenwoordig een state-of-the-art congrescentrum: Thor Central. Vanaf 1 oktober mag het zich de eerste Vlaamse MICE-locatie met een M-label noemen - het Vlaamse keurmerk voor toegankelijke meeting- en congresinfrastructuur. Een bijzondere primeur, want Thor Central is een beschermd monument.

Vlaanderen wil zichzelf profileren als internationale topbestemming voor Meetings, Incentives, Conferences & Exhibitions, kortweg MICE. Toegankelijkheid voor iedereen, met of zonder beperking, is dan een extra troef. Algemeen directeur Kris Teppers en MICE-manager Annick Javor leggen uit hoe zij het bij Thor Central hebben aangepakt.

Interessante testcase

Kris: “Een paar jaar geleden is het oude mijngebouw prachtig gerestaureerd. Van bij het begin was toegankelijkheid een belangrijke overweging. Zo is het hele gebouw volledig toegankelijk gemaakt voor rolstoelen. Alle deuren zijn extra breed, en er zijn aangepaste toiletten op elke verdieping.”

“Maar om het M-label te halen, waren dat soort bouwkundige ingrepen alléén niet voldoende. Om te weten wat we nog meer konden doen, hebben we de voorbije twee jaar intensief samengewerkt met Toerisme Vlaanderen en het onafhankelijk expertisecentrum Inter. Wij waren de eerste, dus voor hen waren we een interessante testcase. Mede daardoor is er nu een uitgebreide checklist van alles waar je op moet letten om op een toegankelijke manier een meeting of congres te organiseren.” 

Goed voor iedereen

Annick: “Die samenwerking heeft geleid tot een hele reeks ingrepen in het gebouw. Zo hebben we noppen aangebracht op de trappen, zodat blinden en slechtzienden voelen waar de trap begint en eindigt. We hebben ook een mobiele ringleiding geïnstalleerd – een systeem dat ervoor zorgt dat slechthorenden tijdens een presentatie alleen de spreker horen, en geen hinderlijke omgevingsgeluiden.” 

Kris: “Er was wel een complicatie: in een erfgoedpand zijn er beperkingen als je verbouwt. Het uitgangspunt is dat je alles in zijn oorspronkelijke staat moet kunnen herstellen. Daarom zijn die noppen op de trappen bijvoorbeeld aangebracht met afbreekbare biologische lijm.”

Annick: “Ook bij de catering houden we de toegankelijkheid voor ogen. We zorgen voor bedienend personeel, en de tafels zijn laag - statafels zijn erg vervelend voor mensen in een rolstoel. De ontvangstbalie is ook aangepast voor rolstoelgebruikers.”

“Maar toegankelijkheid is er niet alleen voor mensen met een beperking. In het nieuwe auditorium is de akoestiek optimaal, maar elders in het gebouw zijn de oorspronkelijke natuursteen en beton zoveel mogelijk behouden, en de plafonds zijn hoog. Er was dus veel galm, maar we hebben hard gewerkt en geïnvesteerd om dat te verhelpen. Goed nieuws voor slechthorenden, én voor alle andere bezoekers.” 

Knipoog naar het verleden

“Alles samen hebben de ingrepen voor het M-label ons enkele duizenden euro’s gekost – echt niet veel, voor een gebouw van 22.000 m2. Dat is wel zonder de werkuren gerekend, en natuurlijk zonder de bouwkundige ingrepen aan het pand zelf.” 

“We zijn heel erg trots dat we het M-label gehaald hebben, als eerste in Vlaanderen dan nog. Toegankelijkheid betekent voor ons dat je niemand discrimineert: gelijke kansen voor iedereen. Dat zit in onze genen. In de mijnen werkten allerlei nationaliteiten zij aan zij, en Genk is een van de meest multiculturele steden van Vlaanderen.”

Kris: “Mijn belangrijkste tip voor andere congreslocaties: laat je omringen door zoveel mogelijk experts. Zelf kan je echt niet bedenken waarop je zoal moet letten. En soms komt de oplossing uit onverwachte hoek. Zo hadden we op onze glazen wanden matte markeringen aangebracht, voor meer contrast voor slechtzienden, maar het was toch nog te weinig. Tot iemand op het idee kwam om met gouden elementen te werken, zoals in het restaurant. Iedereen was meteen enthousiast. ’t Is ook een mooie knipoog naar vroeger, toen steenkool het zwarte goud werd genoemd.”

“Ons einddoel is het M++-label, dat nog strenger is. Misschien té streng voor een erfgoedlocatie als de onze, maar we gaan voor alles wat haalbaar is. En voor tevreden klanten, dat spreekt.”

Annick Javor
 
Kris Teppers